
Ben ik een waterrat? Neen, er zijn mensen die beter aan die omschrijving voldoen. Spreekwoordelijk is een waterrat iemand die goed, vaak en uitstekend kan zwemmen en duiken. Dat ben ik niet, ik blijf het liefst met mijn hoofd boven water. Nooit zal ik een poging wagen om vanaf de hoge duikplan een sprong te maken. Maar ik probeer wel meerdere malen per week mijn rondjes te zwemmen om zo mijn conditie op peil te houden.
Televisieopname
Als ik vandaag naar het zwembad ga, tref ik een televisieploeg aan die een oudere, trouwe zwemster interviewt. Ik heb wel een vermoeden waar het item overgaat. Hoewel ik eigenlijk behoor tot de doelgroep, of moet ik risicogroep zeggen, heb ik geen zin om een quote te geven. Dus ik ontwijk de blonde verslaggever en kies de binnenbanen zodat hij mij moeilijk vanaf de kant kan aanspreken.
Vanochtend las ik namelijk een bericht over mensen die verdrinken, vaak tijdens het zwemmen in open water. Daaronder zitten veel slachtoffers met een migratieachtergrond. Maar ook opvallend veel 60-plussers. Het is gissen naar een verklaring. Mogelijk komt het omdat mensen die voor 1964 zijn geboren geen zwemles hebben gehad en niet beschikken over een zwemdiploma. Op latere leeftijd kunnen ze de gevaren moeilijk inschatten en denken: ik duik het water in, wat kan mij gebeuren?
Geen zwemdiploma
Ook ik heb geen zwemdiploma, eigenlijk heb ik nooit echt zwemmen geleerd. Toch ben ik opgegroeid in een waterrijke omgeving, dus je zou je kunnen voorstellen dat mijn ouders het belangrijk vonden dat ik me in het water goed zou kunnen redden. Vertrouwden ze erop dat ik hun waarschuwing niet te dicht in de buurt van het water te komen, plichtsgetrouw zou opvolgen? Of dachten ze: iedereen, mens en dier, heeft een instinctieve neiging om spartelende bewegingen te maken en zo te overleven in het water?
Mijn vader sprong op een warme zomerdag wel eens vlak voor of na het melken in de wijk naast het weiland. Hij hield daarbij zijn klompen en overall aan. De koeien stonden meewarig naar hun boer te kijken… Maar om mij de zwemkunst te leren was blijkbaar geen noodzaak.
Ook op de lagere school hadden we geen schoolzwemmen. Alleen als het een lange periode heel warm weer was, gingen we op de fiets onder schooltijd naar het openluchtzwembad in Smilde. Maar degenen zonder zwemdiploma moesten in het ondiepe bad blijven en daar werd verder geen aandacht aan besteed.
‘Op zijn hondjes’
In datzelfde zwembad heb ik mezelf dan maar ‘op zijn hondjes’ zwemmen geleerd. Eerst met de handen over de bodem kruipen, totdat er geen vaste grond meer voelbaar was en dan wild met mijn handen om me heen slaan en ontdekken dat ik boven water bleef. En zo ‘zwom’ ik ook in de zandafgraving vlak bij onze boerderij. Altijd zorgde ik ervoor dat ik dicht in de buurt bleef van de paaltjes die aangaven dat je daar kon staan.
Tegenwoordig beweeg ik me nog steeds door het zwembad met een ‘gemankeerde schoolslag’, voornamelijk op mijn armbeweging. Beducht op de mogelijkheid van kramp zwem ik liever aan de buitenkant van het bad zodat ik in geval van nood snel de rand kan bereiken.
Niet bepaald de zwemkwaliteit van een waterrat! Op deze manier wil je niet op de nationale televisie gezien worden, dus vooral geen oogcontact maken met de verslaggever of interesse tonen, want dan ben je mogelijk de pineut. ‘Mag ik u iets vragen?’
Zo kan ik ongestoord mijn kilometer zwemmen. ’s Avonds zie ik in een item van EenVandaag het resultaat. Alleen degene die het weet kan me op de achtergrond zien zwemmen, vanaf de rug gezien. Tv-uitzending 25 juli 2024 – EenVandaag (avrotros.nl)
