Een dik pak sneeuw dat dagenlang blijft liggen: we zijn het niet meer gewend. Misschien is het een gevolg van klimaatverandering of gewoon een grill van het weer. De zware sneeuwval van de afgelopen week legt het verkeer plat: wisselstoringen op het spoor tot ijsplaten op de snelweg en geannuleerde vluchten. Winterse taferelen die we vooral kennen van vroeger.
Eerlijk gezegd overvalt de sneeuw me een beetje. Ik kijk op nieuwjaarsdag naar het skischansspringen in Garmisch-Partenkirchen en denk nog: het zal wel nepsneeuw zijn wat daar ligt. Even later verandert Hilversum in een witte wereld. En meteen spelen er tegenstrijdige gevoelens. Aan de ene kant: naar buiten, winterjas aan, sjaal en wanten om, het knerpen van verse sneeuw onder je schoenen. Daarna rozig thuiskomen en met een mok chocolademelk op de bank ploffen. Aan de andere kant: oeps… ik heb afspraken de komende dagen. Hoe ga ik dat aanpakken?
Weersverwachting
De weersverwachting stelt niet gerust: een hele witte week. Autorijden bij gladheid is niet mijn sterkste kant. Ik heb in het verleden al een paar lessen geleerd. Een keer scheer ik met mijn koekblik rakelings langs een rij garagedeuren. Een andere keer schat ik de gladheid in een bocht verkeerd in. Je weet wat je moet doen – remmen los, koppeling in, tegensturen – maar toch kom ik tot stilstand tegen een geparkeerde auto. Briefje onder de ruitenwisser, verzekeringen regelen. Dat wil je echt niet nog eens meemaken.
Vrijdag moet ik gewoon naar mijn werk. De doorgaande wegen zijn prima, maar in de woonwijk is niet gestrooid of geschoven. Ik glibber de straat uit. Op de snelweg begint het flink te sneeuwen. Geen winterbanden. Rustig rijden, afstand houden. Toch zijn er altijd automobilisten die op je bumper hangen of met veel te hoge snelheid voorbijrazen.
Zaterdagavond ga ik naar de wintervoorstelling van Paul Haenen in Amsterdam. Verrassend genoeg rijdt de trein zonder vertraging. Nog opvallender: het lijkt alsof het in de hoofdstad nauwelijks gesneeuwd heeft. Is het de warmte van de stad, of is er simpelweg minder gevallen? Hoe dan ook, het contrast met thuis is groot.
Verjaardag
Zondag vieren we de verjaardag van mijn zus. Eerst de auto sneeuwvrij maken – sneeuw op het dak kan je zomaar 490 euro kosten. Mijn auto zit vastgevroren tussen een paaltje en de auto van de buurman. Vol gas geven is geen optie. Dan maar met de schop aan de slag, een spoor vrijmaken en voorzichtig loskomen. De rit over de A1 is prachtig: zonlicht op uitgestrekte sneeuwvelden die de Veluwe veranderen in een bijna sprookjesachtig landschap.
’s Avonds wil ik op tijd terug. Eerst lijkt er niets aan de hand, maar bij Amersfoort – bijna thuis – barst het los. Miljoenen sneeuwvlokken vallen recht op de voorruit. De ruitenwissers kunnen het nauwelijks aan. Het zwarte asfalt verdwijnt, wegmarkeringen zijn onzichtbaar. Alleen twee rode achterlichten in een witte waas wijzen me de weg. De linkerbaan blijft leeg. Ik rij niet sneller dan vijftig. Uit voorzorg parkeer ik de auto op een terrein aan een doorgaande weg, zodat ik de volgende dag meteen op een gestrooide route zit.
Code oranje
De meeste zorgen maak ik me over de twee dagen dat ik naar Utrecht moet. Precies dan geldt code oranje: blijf thuis als het niet strikt noodzakelijk is. Maar thuiswerken in een distributiecentrum is geen optie.
Woensdagochtend ga ik direct na het douchen de deur uit om de sneeuw voor te zijn. De krant ligt al keurig in de brievenbus – diep respect voor de bezorger. Het is nog droog en goed te doen op de weg. Liever te vroeg op mijn werk dan gestrest onderweg. Bij aankomst begint het stevig te sneeuwen.
Tijdens de dagstart blijken dertien collega’s te ontbreken. Het openbaar vervoer ligt plat. Sommigen hebben zelfs een barre voettocht gemaakt om er te zijn. Er is een achterstand in de orders. Vrachtwagens hebben moeite met laden en lossen. Dockdeuren moeten sneeuwvrij worden gemaakt, maar het strooizout is op. Dan maar scheppen en schuiven. In elke pauze ligt er weer een dikkere laag.
Aan het eind van de middag moet eerst vijftien centimeter sneeuw van mijn auto voordat ik het parkeerterrein af glibber. Welke route naar huis? De A27 of de A2? Ik kies voor de A27 – liever niet langs het water van de Loosdrechtse Plassen. Door de hevige sneeuwval doe ik er een dik half uur langer over.
Beu
Donderdag is het tijd voor boodschappen. Het is ongekend druk: iedereen grijpt de adempauze aan voordat de volgende sneeuwstorm wordt verwacht. Gelukkig blijft die beperkt tot het noorden en bereik ik mijn werk zonder problemen.
Deze witte week ben ik inmiddels wel beu. Maar als straks de dooi inzet en er in Noord- en Oost-Europa nog volop sneeuw ligt, kan dat zomaar later deze maand een strenge vorstperiode opleveren. De winter is duidelijk nog niet klaar met ons.
