Eindexamen

Deze week ploeteren middelbare scholieren met hun eindexamen. Een stressvolle tijd voor de jongeren zelf, de docenten en de ouders. Zeker dit jaar, want hebben de leerlingen zich goed kunnen voorbereiden met al die Zoomlessen?

Ik wil zelf die periode voor geen goud over doen. In 1980 doe ik eindexamen VWO. Het is een erg spannende periode. Met mijn vakkenpakket – Nederlands, Engels, Latijn, Duits, Aardrijkskunde, Geschiedenis en Economie 1 – sta ik er niet slecht voor, maar als ijverige leerling ben je er nooit gerust op. Ik heb twee hoofdbrekers: Latijn, met name de vertaling en de sommen in de Economie 1-opgaven.

De bètavakken liggen mij niet. Een van mijn wiskundeleraren vindt dat ik een getallenfobie heb, dat is iets te ver doorgevoerd. Maar het is wel zo dat ik bij formules erg moet nadenken en als ik het trucje doorzie en het kan toepassen dan wordt er in het tentamen net een element veranderd waardoor ik het overzicht kwijt ben.

Ik heb een talenpakket zonder Frans, want die taal ligt me niet. Ik schrijf vaak fonetisch hoe je bepaalde woorden uitspreekt. Een fanatieke leraar verbetert de aantekeningen in mijn schrift in hoe de officiële notitie moet zijn. Maar dat helpt niet want ik weet hoe mijn eigen transscriptie moet klinken.

Het buitenbeentje in het pakket is Economie 1. Het is veel theorie, maar er moet ook altijd iets berekend worden. Bijvoorbeeld waardoor daalt de wisselkoers en hoeveel? Daarbij krijg ik weer te maken met die lastige formules. In de weken voorafgaand aan het centraal schriftelijk eindexamen oefen ik veel met de oude examens. Het mag niet mijn bottleneck worden. Ook neem ik nogmaals het beroemde economieboek van prof. A. Heertje ter hand. Want bij het eindexamen hoop ik door veel theorie te spuwen mijn foute rekensommen zoveel mogelijk te kunnen compenseren.

Eind april beginnen de eindexamens. De spits wordt afgebeten door Nederlands. Daarna volgt Latijn. Het is te hopen dat voor de te vertalen tekst een niet al te ingewikkeld gedeelte is uitgekozen. Het eindexamen is in het ijsstadion, de Trianthahal. We zijn die ochtend met een klein select gezelschap, zes leerlingen telt de Latijnse klas. We zitten helemaal achter in die enorme koude hal. Voor ons zitten de havoleerlingen die die ochtend hun Nederlands eindexamen doen. Ze kijken ons meewarig aan. Wat doen die gasten? Latijn vertalen met een woordenboek op de tafel? Hoe moeilijk kan dat zijn? Nou, best lastig met al die ingewikkelde vervoegingen. Dit alles onder het toeziend oog van de Latijnse lerares die haar breiwerk heeft meegenomen en af en toe ongegeneerd met een van de lange breipennen in haar oor zit te pulken. Wat wel een koddig gezicht is.

De tekst van Livius uit ‘Ab urbe condita’ gaat over het vinden van de juiste kandidaat voor het consulaat tijdens de Tweede Punische oorlog. Het is voor mij drie uur zwoegen. Er zijn zinnen waarvan ik geen soep kan koken. Gelukkig zijn er ook vragen over de tekst. Die kunnen me een eindje op weg helpen. O, het gaat over karaktereigenschappen van iemand, dat zijn vast die lastige, onbekende woorden. De vertaling hoeft niet voldoende te zijn, want ik heb enige compensatie opgebouwd met de schoolonderzoeken.

Van de voorbereiding op het economie-examen is een herinnering blijven hangen. De troonsopvolging van Beatrix valt midden in de examenperiode. Aan de keukentafel oefen ik de sommen uit de oude tentamens, terwijl ik op de televisie naar de rellen in Amsterdam kijk. Deze historische gebeurtenis wil ik natuurlijk niet missen. Krakers hebben op de kruising tussen de Kinkerstraat en de Bilderdijkstraat een leegstaand kantoorpand bezet. De mobiele eenheid is fors uitgerukt. In plaats van een volksfeest op deze bijzonder Koninginnedag wordt de inhuldiging in de Nieuwe Kerk omlijst met veel rookbommen en waterkannonnen. Het lijkt wel oorlog in de hoofdstad.

Na de examens volgt het lange wachten… Tot uiteindelijk het verlossende telefoontje komt dat ik ben geslaagd. Voor beide vakken heb ik met moeite op de eindlijst een zesje bij elkaar kunnen sprokkelen. Ik ben opgelucht! Een feestweek breekt aan. Het is ook het einde van een onbezonnen tijd. Het begin van een nieuwe periode: het studentenleven.

Geef een reactie